donderdag 11 maart 2021

zondag 20 december 2020

Bij de Klosterpoel.


Tegenwoordig valt het tijdens een warme zomer geregeld droog, het watertje aan de Rijksweg tussen Arcen en Lomm, dromerig en onopvallend voor het voorbij razende verkeer. Tegen het einde van de middeleeuwen was dit poeltje eigendom van de monniken uit het klooster St. Barbara's Weerd dat tussen de huidige Rijksweg en de Maas lag. Als je vanuit Arcen komt, zijn de resten van het klooster alleen nog zichtbaar als een heuveltje in het bos aan de rechterkant van het fietspad; een stille getuige van een bloederige historie.

In de 80 jarige oorlog werd het klooster bezet door de Spanjaarden. Om de aanvoer vanuit Venlo naar Grave lastig te maken, bedachten de Spanjaarden het plan om het klooster te bezetten. Op 20 januari 1586 stuurde de Graaf van Mansfelt zijn hoofdman Corvera, met honderd soldaten naar het klooster. 

Toen Maarten Schenck van Nydeggen, gouverneur van het Staatse Venlo, dit hoorde, ging hij onmiddellijk met 600 man voetvolk en 300 ruiters er op af. Het klooster werd omsingeld en Schenck sommeerde Corvera zich over te geven. 

De Spaanse hoofdman wilde echter niets van overgave weten en Schenck liet zijn soldaten tot drie keer toe het klooster bestormen. De Spanjaarden vochten voor hun leven en keer op keer wisten ze de Staatsen te verdrijven en het klooster te behouden. 

Tandenknarsend besloot Schenck het klooster aan vier hoeken in brand te steken. De in het nauw gedreven Spaanse soldaten stormden, aangevoerd door Corvera, wanhopig uit de in brand staande gebouwen. Buiten de kloostermuren stelden ze zich weer enigszins in slagorde op, tot grote schrik van de ruiterij van Schenck. Een woest gevecht volgde, waarbij de grote overmacht van de Staatsen de Spanjaarden uiteindelijk teveel werd.

De verliezen waren groot. Schenck verloor 250 man en van de 100 mannen van Corvera bleven er slechts zeven in leven. Hoofdman Corvera zelf, die door drie kogels getroffen en met een spies doorboord was en nog zes andere Spaanse soldaten, eveneens zwaar gewond. Zij werden door de Staatsen in triomf naar Venlo overgebracht als teken van overwinning. 

Voor even was de verbinding tussen Venlo en Grave weer vrij voor de Staatsen.




zondag 4 oktober 2020

Bar, kegelbaan OUDE HOEVE, Arcen. Telefoon 288

 Aan dit karakteristieke pand aan de markt is in de loop der jaren gelukkig niet al te veel veranderd. Dat kan van de twee buurpanden niet gezegd worden!






dinsdag 4 augustus 2020

Historie in/aan de Rodeweg.

Dagelijks galoppeer ik in hoog tempo met de hond over de Rodeweg. Dat klinkt sportiever dan dat het in werkelijkheid is, de hond doet verreweg het meeste werk.



Vroeger wandelden wij hier bijna iedere zondag. Eerst 's ochtends naar de mis, daarna naar opa en oma op de Graaf en dan met de honden op pad. Op de Rodeweg vertelde opa dan steevast dat we over de oude kerk liepen. Als klein manneke snapte ik daar dan helemaal niks van.


Blijkbaar heeft men na de oorlog, tijdens de wederopbouw, puin van kapotgeschoten woningen gebruikt om Arcense paden te verstevigen. 
Als je in een rustig tempo over de Rodeweg gaat, dan is dat ook duidelijk te zien. Stukken baksteen, Belgisch hardsteen en scherven van tegels vormen op veel plaatsen het wegdek. 

zondag 29 maart 2020

Bijzondere keuzes.

In de jaren '30 gaf Jos Strijbosch uit Blerick onderstaande ansichtkaart uit. We zien de Wijmarsche watermolen, een van de twee watermolens die Arcen rijk is geweest. De opdracht voor de bouw van deze molen stamt uit 1677 en Arcense boeren waren verplicht om er hun graan te laten malen. Na de Eerste Wereldoorlog, toen molenaar Vorstermans er mee stopte, werd ze niet meer gebruikt.

Strijbosch zet een mooi romantisch plaatje neer.


In 1939 besloot de uitgever wederom een kaart uit te geven van de Arcense watermolen. Het resultaat van deze beslissing staat hier onder. Als je de twee kaarten bij elkaar ziet dan is de keuze voor een andere afbeelding op zijn minst verbazingwekkend. Het romantische plaatje is gereduceerd tot een donkere vlek die grotendeels schuilgaat achter wat struweel.

De bovenste kaart ben ik al vaker tegengekomen, de onderste kaart pas één keer. 




dinsdag 4 februari 2020

Feldpost aus dem Westen, 16 december 1944.

Voor Fallschirmjäger Lothar Hardt is 16 december 1944 een veelbewogen dag. De groep Duitse soldaten waar hij bij hoort is gelegerd in een klein brouwerijtje bij Arcen. Vrijwel dagelijks worden zij beschoten vanuit de andere kant van de Maas, waar de geallieerden liggen.


Nederland gaat gebukt onder de gevolgen van de hongerwinter en de dorpen aan de Maas zijn frontlijn. De jonge Lothar is op dat moment pas 20 jaar. Hij zou graag de het naderende kerstfeest thuis doorbrengen, maar hij weet ook dat de kans op een paar vrije dagen vrijwel nihil is. In plaats van bij de pakken neer te gaan zitten, maakt hij een plan. In het Duitse leger kon je vrije dagen 'verdienen' door een dappere daad te verrichten. Hij besluit om in de nacht van 16 op 17 december het ijskoude water van de Maas zwemmend over te steken om te spioneren bij de vijand.


Met dat gevaarlijke plan in zijn achterhoofd besluit hij een brief te schrijven. Niet naar huis aan zijn ouders of aan vrienden, maar aan een meisje van de BDM (Bund Deutscher Mädel). Deze BDM bestond uit meisjes van 14 tot 18 jaar oud. In de laatste oorlogsjaren werden jonge Duitse soldaten aangemoedigd om te schrijven met onbekende, dus anonieme, meisjes van deze BDM. Lothar besluit een brief te schrijven aan Hilde uit Bamberg, een meisje van 17 jaar.




Diezelfde nacht steekt de jonge Fallschirmjäger de Maas over. Hij overleeft zijn 'dappere daad' en hoopt op een aantal vrije dagen en een kerstfeest met zijn ouders. Op 16 december gaf Hitler echter ook het bevel voor het Ardennenoffensief, een laatste wanhopige poging van de Duitsers om de geallieerden in België terug te dringen. Alle verloven, dus ook die van Lothar Hardt, worden per direct ingetrokken.

Hilde heeft de brief van de jonge Lothar haar hele leven bewaard.